Door Frank Kruijsbeek (Research master student Radboud Universiteit)

Je kon er de klok wel op gelijk zetten: de coronacrisis zou vroeg of laat ook het mijnenveld van de privacy-discussies bereiken. Zo ligt de video-gespreksapp Zoom, die nu massaal wordt gebruikt voor thuiswerken, onder vuur vanwege dataverzameling. De overheid wil met behulp van een app bijhouden of iemand met een drager van het virus in aanraking is gekomen. Daarbij wordt onvermijdelijk verregaande informatie over onze lichamelijke conditie en alledaagse activiteiten verzameld. 

Dat een overheid over zulke gegevens beschikt is “levensgevaarlijk” volgens hoogleraar artificiële intelligentie Rob van den Hoven van Genderen. Juist daarom is waakzaamheid geboden. Ook in tijden van corona wordt onze privacy constant op het spel gezet.

Privacy als een taart

De vraag is om welk belang van privacy het nu eigenlijk moet gaan bij die waakzaamheid. De krant Trouw stelde begin april de vraag hoeveel privacy de bestrijding van corona ons mag kosten

De suggestie in dit artikel is dat we een ‘voorraad’ privacy hebben waarvan we vervolgens een deel als ‘betaalmiddel’ kunnen ruilen voor onze gezondheid. Maar of privacy op die manier deelbaar is en in hoeveelheid kan verminderen valt te bezien. 

Te vaak wordt de waarde van privacy gezien als een taart, waarvan steeds wat wordt afgesneden en weggegeven. Een taart heeft – eenmaal gebakken – een initieel punt van volledigheid en een uiteindelijk punt van verdwijnen. Als je van een taart nooit een punt afsnijdt, zal hij ook niet kleiner worden. Daarentegen is een taart na het laatste puntje op en krijg je hem niet meer terug.  

Wanneer we zo kijken naar privacy rijzen er tal van vragen op: wanneer hebben we volledig privacy? Is dat slechts een theoretische idee of bestaat er een historisch moment waarop mensen beschikking hadden over al hun privacy? Kan privacy ooit opraken?

Te vaak wordt de waarde van privacy gezien als een taart, waarvan steeds wat wordt afgesneden en weggegeven

Het idee dat privacy iets is dat we in haar volledigheid bezitten en in puntjes weg kunnen geven, vernauwt de discussie. Deze mondt op deze manier uit in de patstelling tussen waarborg en gebruik: wil ik mijn privacy bewaren? Of is deze app van de overheid voor zowel mijn gezondheid als die van anderen zo waardevol dat ik mijn privacy er graag voor weggeef? 

Deze patstelling doet afbreuk aan de werkelijkheid van onze relatie tot privacy. In realiteit lijken het ineengrijpen van data en ons gebruik van technologie te complex te zijn geworden om nog zo binair te kunnen scheiden. Zeker nu we die technologie willen gebruiken in de bestrijding van een pandemie die onze fysieke gezondheid en de financiële bestaanszekerheid van miljoenen mensen bedreigt. 

We willen niet óf privacy waarborgen óf technologie die gebruikmaakt van onze data. We willen beide en het gaat om de verhouding tussen deze wensen.

Privacy als schuilplaats die we creëren  

In haar boek De menselijke conditie laat Hannah Arendt zien dat het hebben van een privaat domein al eeuwenlang als een noodzakelijke voorwaarde wordt gezien voor het kunnen leven van een waardevol menselijk leven. Terecht! Zonder ruimte voor privacy stelt het menselijk leven niet zo gek veel voor. 

Privacy geeft rust en eigenheid aan ons leven. De mogelijkheid om uit het zicht te blijven van anderen – bijvoorbeeld op winst beluste bedrijven en overheden met soms dubbelzinnige bedoelingen – is essentieel voor wie we zijn en vooral wie wij kunnen zijn. Juist om die reden is het cruciaal om privacy als een mogelijkheid te blijven denken. Hoe blijft privacy mogelijk in ons gebruik van technologie? 

Wellicht loont het daarom om het belang en de waarde van privacy op een andere manier voor te stellen. Laten we over privacy denken als een schuilplaats die we creëren. Zoals dat we in een druk café aan dat ene tafeltje om de hoek gaan zitten om net iets rustiger te kunnen werken. Of als datgene wat overblijft wanneer we het gordijn dichtdoen voor we gaan douchen.

Door privacy zo te bezien, kunnen we andere vragen stellen. Niet: welke beperking in mijn gebruik of welke verminderde effectiviteit van deze app staan tegenover een beperking van dataverzameling? Maar: hoe voegt een beperking aan dataverzameling privacy toe aan de wereld? 

Laten we privacy denken als een schuilplaats die we creëren

Privacy wordt een te creëren domein waarvan we de weg ernaartoe ook op kunnen eisen. Zo kunnen we als consumenten en politieke actoren in dialoog treden met ontwikkelaars en beleidsmakers. Hoe biedt deze app mij als gebruiker de mogelijkheid om privacy te creëren of te benutten die er vooraf nog niet was? Welke ruimte voor een toename van privacy wordt juist vrijgemaakt in deze technologie? 

Privacy hoeft dan niet iets te zijn waarvoor we iets anders opgeven. Natuurlijk zal het in de praktijk zeker kunnen dat het toevoegen van ruimtes voor privacy in apps of technologieën ten koste gaat van andere functies. Bijvoorbeeld door de beperkingen van productieprocessen. Als er mankracht moet worden besteed aan functies die privacy kunnen scheppen, zal er wellicht mankracht voor een andere aansprekende functie moeten worden opgegeven. 

Door privacy te zien als iets dat wordt gemaakt kan het ook vanzelfsprekender worden om de mogelijkheid daartoe boven alles in onze technologie gaan verwachten

Onze verwachtingen zijn er daarentegen altijd op gericht dat we niet één app of apparaat hebben dat alles doet. Daarom bepalen we zelf wat we van die app of apparaat in elk geval verwachten. Van Instagram verwachten we boven alles dat we er foto’s mee kunnen maken en die kunnen delen met vrienden. Van Whatsapp verwachten we dat we er berichtjes mee kunnen versturen. 

Extra functies zijn misschien aantrekkelijk, maar alleen zolang de core business blijft behouden. Als apps ons daar niet toe in staat stellen omdat er een andere functie aan wordt toegevoegd, laten we als gebruikers de apps voortaan links laten liggen. 

Door privacy te zien als iets dat wordt gemaakt, kan het ook vanzelfsprekender worden om de mogelijkheid daartoe boven alles in onze technologie te gaan verwachten. Privacy is dan geen beperking van gebruik of functionaliteit, maar wordt een integraal onderdeel van het gebruik. We kunnen privacy als de core business van onze technologie opvoeren. Als we een app of apparaat gebruiken, willen we ermee in ieder geval ook privacy aan ons leven toe kunnen voegen. 

Dit alles vereist natuurlijk meer dan slechts een omslag in ons denken over privacy. Wetgeving en bedrijfsmodellen zullen anders in elkaar moeten gaan steken. Toch is de gedachte dat privacy niet alleen iets is dat we constant dreigen te verliezen maar ook aan ons leven kunnen toevoegen er één die kan breken met de terugkerende patstelling tussen waarborg en gebruik. 


Meer:

4 Comments

  1. Dank voor dit artikel. Goed te lezen en te volgen, ook voor iemand die geen universitaire studie gedaan heeft. Voor andere lezers: artikel roept wel veel vragen op en niet alleen m.b.t. privacy. Vervang in dit artikel privacy met bezit en stel dan eens dezelfde vragen.
    Gr, Henk

    1. Onder invloed van technologie, en voor de inzet hiervan door grote technologie bedrijven, die op hun beurt weer de data aan andere kleinere gespecialiseerde bedrijven verkopen, zoals marketing bureaus en datahandelaren, die op hun beurt weer gebruikers werven, voor het genereren van rendement en concurrentievoorsprong voor zichzelf en voor hun klanten, ..
      is privacy volledig overspoeld door data. Mede doordat de politiek niet veel wist van deze materie en daardoor niet in staat was tot regulering. Neoliberalen hebben altijd jaren voorsprong op trage bureaucraten. Dat is hun core business.
      Door waakhonden, en met name de EU, wordt een tegenkracht zichtbaar. Maar de technologische ontwikkeling heeft nog geen DNA voor privacy. Privacy staat tot dusver haaks op hun verdienmodel.
      Dus boetes achteraf is staande beleid. Maar er verandert wel iets. Die eerste versies corona apps vielen door de mand door oplettende lieden. Ook hierbij blijkt dat privacy geen prioriteit is voor politici, ambtenaren en IT specialisten.
      Ze vinden het wat lastig dit echt te incorporeren in hun beleid. Omdat zij altijd bezig zijn om zo makkelijk en efficient mogelijk van A naar B te gaan. En dat is precies het kenmerk, de kernwaarde van veel datatechnologie en hun experts. Het is dus een mentaliteits-cultuurprobleem.
      Burgers, waakhonden en politiek moeten dit bewaken. Niet wat kan op macro niveau moet het uitgangspunt zijn, maar wat is tevens ethisch- en praktisch verantwoord voor het individu. Daar zijn politici en ambtenaren juist slecht in, blijkt uit vele democratisch afgestemde projecten en besluiten. Ook dus een kennis en cultuurprobleem.
      Dus versterk de waakhonden en wees burgerlijk ongehoorzaam als de privacy in het geding is.
      En kunnen we het niet zelf, dan hebben we nog de EU om ons te beschermen en misschien het stemhokje.
      Data zijn belangrijk als feitenbasis voor beleid. Maar privacy is belangrijker, dat gaat over ons als individu. We zijn (nog) geen Chinezen.., en leven niet in een dictatuur.
      Dat moet de nieuwe orde zijn.
      Slimme technologie zou deze belangendiscrepantie moeten kunnen overbruggen. En data over mij die ik niet als toegankelijk wens door derden, moeten beschermd worden. Zo nodig beschermd door zware sancties.

  2. Fantastisch artikel en het klopt zonder privacy eigen space stelt het leven niet veel meer voor. Maar het si ook gevaarlijk om aan privacy te tornen. Want wie beheert dan nog onze space? Het is ook mijn aarde en mijn wereld zo is dat voor iedereen. Interessant artikel ook voor mensen die wel vaccineren zoals ik. Ben erg blij met deze genuanceerde onderzoeken want zonder nuance en discussie vervalt de wereld in afval. Helaas leert de geestelijke wetenschap en geschiedenis ons dat de mens een prachtig wezen is maar ook een zeer duistere kant bezit, die wanneer deze getriggerde wordt meestal door geld en macht deze verandert in gewetenloze psychopaten voor wie de medemens slechts een vehikel is naar meer. de aarde bied genoeg om iedere behoefte te bevredigen maar niet ieders hebzucht”. En macht maakt corrupt en absolute macht maakt absoluut corrupt” Bekend citaten waar men lering uittrekt evenals de geschiedenis- wat je ziet is niet altijd wat het lijkt en dom vertrouwen in een machtshebber is per definitie naief.

    Lees vooral ook het boek van transperancy international die misdaad en fraude aan de kaak stelt in samenwerking met o.a. FIOD “Bart de Koning vriendjes politiek over enorme fraude en corruptie in Nederland “. hij wijd een heel hoofdstuk aan veiligheid want “waarschuwingssignalen voor grootschalige ontwrichtende fraude en misdaad is zichtbaar voor wie het wil zien en een overheid die hier iets aan wilt doen maar door de verstrengeling waarbij criminaliteit verweven is in de toplaag (die zich daar met name voor leent hoe meer men heeft hoe meer hebzucht) en instellingen in de samenleving (oa zorg, onderwijs en woningbouw) Een elektronisch sleepwet zal random een grote meerderheid onschuldige burgers meenemen, die door software profielen onjuist worden beoordeeld en zal leiden tot onterechte beschuldigingen (zie ook belasting aak waar duizenden gezinnen het slachtoffer werden), opsporing diensten zullen vastlopen waar echte criminelen van profiteren en het ondergraaft het vertrouwen van de burger in overheid en omkeert – het is dus per definitie fout! Dat in Nederland fraude experts in deze tijd privacy heilige huisjes noemen noemen en stellen dat de privacy in wet en regelgeving een lagere status dient te krijgen is verontrustend. Het is precies omgekeerd als de staat meer macht krijgt moet er ook meer tegenmacht komen om de burger te beschermen. dergelijke bestrijdingsvormen zoals deze maken meer kapot dan je lief is.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *