Door Saro Lozano Parra (Promovendus Universiteit Utrecht)

CDA-Kamerlid Pieter Omtzigt beschreef in het debat over de toeslagenaffaire de grootste bedreiging voor onze democratie: het disfunctioneren van de macht en tegenmacht.

Die dreiging ontstaat doordat tegenmacht zodanig wordt gedwarsboomd dat conflict onmogelijk wordt. En dat terwijl conflict juist de kracht is die het politieke spel mogelijk maakt.

Van antagonisme naar agonisme

Volgens de Belgische politiek denker Chantal Mouffe wordt het idee van de ‘liberale democratie’ gekenmerkt door een paradoxale relatie. Waar het liberale leunt op universele concepten als vrijheid en gelijkheid, is voor het democratische aspect juist agon belangrijk – Grieks voor ‘strijd’ of ‘conflict’.

Democratie gaat altijd over machtsverhoudingen. Wie regeert en wie worden er geregeerd? Wie behoort tot de demos en wie niet? Mouffes agonistisch perspectief benadrukt dat dit conflict inherent is aan democratie.

Democratie gaat altijd over machtsverhoudingen

De spanning in deze relatie tussen het liberale en het democratische is volgens Mouffe van groot belang, omdat het een samenleving dwingt om steeds opnieuw de machtsverhoudingen te overwegen, en deze aan te passen als dat nodig is.

Mouffe werkt dit verder uit door een onderscheid te maken tussen ‘politiek’ en ‘het politieke’. ‘Politiek’ verwijst naar de taal, praktijken en instituties die de orde bewaren en de samenleving organiseren. ‘Het politieke’ is de dimensie van antagonisme, die inherent is aan menselijke relaties.

Het politieke overstijgt het simpele idee van ‘het eens worden over dat waarover we het oneens zijn met elkaar’. Dit schept namelijk de mogelijkheid om niet met de ander het gesprek aan te gaan om de politiek te herschikken, waarmee conflict alsnog wordt vermeden.

De uitdaging voor het politieke is het veranderen van vijanden in vriendelijke opponenten

De uitdaging voor het politieke is in plaats daarvan het veranderen van antagonisme in agonisme. Hiermee bedoelt Mouffe het veranderen van vijanden die tegenover elkaar staan, in wat ze noemt ‘vriendelijke opponenten’ die ondanks de gevoelde tegenstellingen beseffen dat ze iets belangrijks delen: de samenleving.

De toeslagenaffaire maakt op een pijnlijke manier duidelijk dat het agonistische element van conflict in de Nederlandse democratie ver te zoeken is geweest.

Omtzigt somde het tekort aan agonisme moeiteloos op: de innige band tussen het kabinet en de Tweede Kamer, het stelselmatig achterhouden van informatie door de regering, belangenorganisaties die ‘uit de staatsruif eten’, de kliek in Den Haag die meer kijkt naar de partijvoorzitter dan naar de Nederlandse kiezer.

Innige banden tussen de verschillende spelers maken het conflict dat nodig is om de democratie levend te houden onmogelijk.

Spelen en valsspelen

Naast Mouffe heeft ook cultuurhistoricus Johan Huizinga het belang van agon beargumenteerd.

In zijn beroemde werk Homo Ludens, een cultuurhistorische analyse van ‘het spel’, benadrukt hij de constitutieve of creatieve kracht van het spel voor zowel degenen die er onderdeel van uitmaken, als voor de samenleving. Huizinga’s analyse helpt om beter grip te krijgen op Mouffes idee van het politieke.

Want net zoals agon, strijd, essentieel is voor de democratie, zo is het ook een onlosmakelijk onderdeel van het spel. Dat is omdat er volgens Huizinga bij het spelen ‘altijd iets op het spel staat’.

En net zoals de democratie onklaar wordt gemaakt door een tekort aan conflict, zo bestaan er volgens Huizinga ook types die het spel de nek om willen draaien. Huizinga maakt een onderscheid tussen wat hij ‘de spelbreker’ en ‘de valsspeler’ noemt.

Bij het spelen staat er altijd iets op het spel

De spelbreker breekt de magische cirkel van het spel door niet meer mee te doen. De valsspeler daarentegen probeert het spel te spelen en te winnen door zich aan de regels te onttrekken.

Wat is een potje schaak als de toren ook diagonale bewegingen mag maken, het paard in rechte lijnen mag galopperen en de pionnen net als de koningin heen en weer over het bord zouden mogen dansen?

Waar de spelbreker zichzelf buitenspel zet, probeert de valsspeler door list en bedrog mee te spelen. Dit is het geval als we kijken naar de politieke realiteit van de toeslagenaffaire: er werd op grote schaal valsgespeeld. Zodanig dat het gevaar op de loer ligt dat de magische cirkel die onze democratie is wordt gebroken.

De spelers van het politieke spel moeten zich overgeven aan de wedijver op het speelveld

De zogenaamde Rutte-doctrine is hier een goed voorbeeld van. Volledig zwartgelakte documenten onder het mom van ‘niet belangrijk genoeg’, wekenlange radiostilte omdat er ‘tijd nodig zou zijn om stukken te lezen en voor te bereiden’, waardoor Kamerleden geen onderdeel werden van wat er gebeurde. Klaarblijkelijk om de controle, en dus de macht, te behouden.

Toen de stukken dan eindelijk bij de Tweede Kamerleden als Omtzigt terechtkwamen, bleken grote delen zwartgelakt. Hiermee brak Rutte niet met de afspraken van het informeren van de Kamer. Hij rekte de regel zodanig op dat het speelveld bleef bestaan maar potentieel conflict onklaar werd gemaakt.

Het politieke spel

Huizinga beschrijft met zijn Homo Ludens hoe het spel zijn spelers vormt, en zo bijdraagt aan de houding van de speler ten opzichte van het leven zelf. De Homo Ludens is degene die zich steeds weer opnieuw kan overgeven aan de agon die een onlosmakelijk onderdeel is van het leven in een diverse samenleving.

De Homo Ludens verhoudt zicht tot het conflict als een uitdaging om niet alleen het spel, maar ook zichzelf als spelende mens steeds weer opnieuw uit te vinden. Op die manier draagt de spelende mens bij aan Mouffes idee van een politieke gemeenschap waar we steeds weer de agon aangaan en de machtsrelaties herdefiniëren.  

De dreiging waar Omtzigt naar verwees is de dreiging van een tekort aan agon in het politieke spel. Als de spelers recht willen doen aan de democratie, zullen zij zich als een Homo Ludens op moeten stellen: iemand die zich over durft te geven aan de wedijver op het speelveld, en hiermee zijn eigen macht op het spel zet.

Alleen door conflict tussen macht en tegenmacht toe te staan, blijft de democratie de vrijheid van haar burgers behouden.

Verder lezen

Huizinga, J. (1938). Homo Ludens. Haarlem: H.D. Tjeenk Willink.

Mouffe, C. (2000). The Democratic Paradox. London: Verso.


Meer:

2 Comments

  1. De Rutte doctrine met manipulatie rond informatie, het inkapselen en uitschakeling van de PvdA tijdens het vorige cabinet, de vriendenovereekomet met Groen Links, toen zij in opmars waren, het verdoezelen van de afbraak van de welvaartstaat, het overhevelen van beleidsuitvoering naar de gemeenten, zonder geld, het zijn van werkgevers vertegenwoordiger en het neoliberalisme in de politiek en cabinet, zijn politieke overwinningen van de VVD en Rutte in het bijzonder. Kennelijk wordt dit door 1/3 van de kiezers gewaardeerd en gehonoreerd. Of ze zien het niet.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *