Door Frank van Caspel (Radboud Universiteit)

En ik ook niet. Mooi toch? Dan kunnen we ook niet out of our minds zijn. Mocht je nu denken ‘dat heb ik wél!’, dan ben je niet alleen. Het lijkt intuïtief dat we iets hebben als een ‘geest’, ‘ziel’ of ‘mind’ (een meer neutrale term die ik bewust onvertaald laat).

Op de hoogte blijven? Volg ons op Twitter, Facebook en Instagram.

Maar over wat dat dan precies voor ding is en waar het zit, is nogal wat gesteggel. Is de mind een immateriële ziel? Is het hetzelfde als het brein?

In ieder geval sinds Descartes proberen filosofen en wetenschappers op deze vragen antwoorden te vinden. De oplossing waar Descartes zelf mee kwam wordt sinds het begin van de 20e eeuw in filosofische kringen niet meer serieus genomen.

Ook wetenschappers zijn inmiddels wars van immateriële zielen, en het sentiment ‘mind = brein’ lijkt bij hen alomtegenwoordig. Dat vinden filosofen dan weer te kort door de bocht.

Maar wat beide kampen gemeen hebben, is het idee dat mind iets is dat we hebben en dat het de oorzaak is van ons intelligente gedrag. Als je dat denkt, dan wil je natuurlijk ook weten wat mind dan precies voor ding is. Maar is die vraag eigenlijk zinvol?

Nee! In 1949 publiceerde de Britse filosoof Gilbert Ryle (leermeester van de beroemde filosoof Daniel Dennett), het boek The Concept of Mind. Daarin verdedigt hij een briljant idee: we moeten het mentale helemaal niet opvatten als een ding.

Mind is geen ding
Mind
is niet een oorzaak van gedrag, het is een soort gedrag. Mind is iets dat je doet, niet iets dat je hebt. Dit radicale idee bespaart ons de zinloze zoektocht naar de mind als ding.

Hoe werkt dat dan? Mijn favoriete analogie om dit uit te leggen is sport. Sport is ook geen ding, maar een parapluterm voor een scala aan activiteiten. Als je aan het sporten bent, dan is dat omdat je zo’n activiteit doet – bijvoorbeeld wielrennen. Je hebt dan geen sport, je bent aan het sporten.

Met mind is het net zo. Dat is een parapluterm voor een scala aan activiteiten, maar dan van meer ‘cerebrale’ aard. Rekenen, een boodschappenlijstje maken, een discussie voeren: allemaal vallen ze onder het label ‘mentale activiteit’.

Dus: mind is niet de oorzaak van intelligent gedrag, het ís intelligent gedrag. Je hebt geen mind, je doet aan minden. Je hebt geen gedachte, je denkt een gedachte. Net zoals je niet een ommetje hebt, maar een ommetje maakt. Hmm, goed idee – ik ga even de benen strekken.

Verder lezen

Ryle, G. (2009). The concept of mind. Routledge.

Vond je dit een goed artikel? Bij Nader Inzien zet zich in voor de verspreiding van serieuze filosofische kennis en analyse. We kunnen het platform draaiende houden dankzij de inzet van vrijwillige auteurs en redacteuren en de steun van lezers zoals jij. Word daarom vriend van BNI of steun ons met een donatie.

Meer:

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *