Door Roos Slegers (Tilburg University)

De fembots in Austin Powers: International Man of Mystery (1997) schieten kogels uit hun tepels. Dr. Evil heeft ze zo ontworpen dat ze jaren-negentig-onweerstaanbaar zijn: go-go boots, hotpants, big hair. In de tweede film (The Spy Who Shagged Me, 1999) komt Austin Powers erachter dat hij er per ongeluk eentje heeft getrouwd – zijn vrouw Vanessa loopt plots achteruit als hij de terugspoelknop op de afstandsbediening van de tv indrukt. De tepelkanonnen komen tevoorschijn, er volgt een gevecht en Vanessa ontploft.

Op de hoogte blijven? Volg ons op Twitter, Facebook en Instagram.

In de derde en laatste Austin Powers film, Goldmember (2002), raakt Powers verwikkeld in een dance battle met Britney Spears die ook een fembot blijkt te zijn. Ze probeert hem neer te schieten met haar tepels maar hij overweldigt haar robotbrein met suggestieve heupbewegingen en het hoofd van de Britbot ontploft. De klassieke filmtrilogie roept vragen op over het hoe en waarom van robotborsten.

Typisch vrouwelijke kuren

In de zoektocht naar een theoretisch kader voor de robotborst komen we al snel uit bij Donna Haraways Cyborg Manifesto (1980). Haraway stelt voor de mens te zien als cyborg: een vrij en ambigu wezen dat niet meer te vatten is in de oude binaire systemen (mens-dier, mens-machine, natuurlijk-kunstmatig enzovoort). Cyborgs verlangen niet terug naar een idyllische natuurtoestand waarin alles was zoals het hoorde en nobele wilden de heteroseksuele liefde bedreven in het vrije veld.

Haraways cyborg is vrolijk, pervers en fluïde. Cyborgs zijn deels machine – maar dat is een vanzelfsprekendheid, geen statement. En als we in 1980 al cyborgs waren, dan nu al helemaal; onze levens, relaties en lichamen zijn verweven met en doordrongen van technologie. De cyborg is zowel mythe als realiteit: we zijn het al, maar we hebben de juiste verhalen nodig om onze nieuwe wezensvorm te omarmen en vorm te geven. Dat brengt ons terug bij de fembots en hun tepelkanonnen.

Die borsten zitten er om aan te geven: het gaat hier om een vrouw-wezen!

De meeste robotborsten uit de afgelopen eeuw dienen helaas niet als wapen maar als identificatiemiddel. Als voorbeeld: in Terminator 3 wordt cyborg-met-een-hart-van-goud Arnold Schwarzenegger achternagezeten door een vrouwelijk vormgegeven moordrobot. Ze komt uit de toekomst en aangekomen in het jaar 2004 vergroot ze (zuiver op wilskracht, mind over matter) haar borstomvang om meer te lijken op een lingeriemodel dat ze ziet op een billboard.

De borsten van de Terminatrix laten The Governator koud en er zitten niet eens van die toch wel handige machinegeweren in verborgen. Die borsten zitten er vooral om aan te geven: het gaat hier om een vrouw-wezen! En wij als slimme kijkers snappen dan dat we typisch vrouwelijke kuren kunnen verwachten.

Waar Haraway in haar manifest transgressie en een vervaging van grenzen voorstaat, lijken de populaire cyborgmythes die we tot onze beschikking hebben juist de binariteit van de wereld te benadrukken. De Terminatrix is een cyborg van weinig woorden en kreunt alleen af en toe zachtjes bij het moorden. Misschien omdat ze het fijn vindt, misschien omdat haar hoge hakken knellen. Hoe dan ook kunnen we meer leren van de gynoïde (vrouwelijke, mensgelijkende robot) Maria in Fritz Langs film Metropolis uit 1927.

Humorloze killer fembots

In Metropolis schuilt een ferme marxistische maatschappijkritiek (uitbuiting, ongelijkheid, mens als verlengstuk van de machine enzo) maar we hebben het hier nu even over borsten. In de film heeft een uitvinder een Maschinenmensch ontworpen die precies lijkt op zijn overleden geliefde Hel, maar die om ingewikkelde plotredenen omgebouwd wordt om sprekend te lijken op Maria, arbeidersdochter en liefje van Freder, zoon van de machtigste zakenman van Metropolis. (Moeten we daar iets van denken, “Hel” die omgevormd wordt tot “Maria”? Ik vermoed van wel.)

Robot Maria brengt alle mannen uit de metropool het hoofd op hol met een exotische dans die je eens op YouTube moet bekijken. Met enthousiasme zet ze Jan en alleman aan tot moord en moedigt ze het proletariaat aan in opstand te komen. Uiteindelijk belandt ze als een klassieke heks op de brandstapel en legt het vuur haar robotskelet bloot. Vrouwen, am I right? Verleiding en bedrog, of ze nu cyborg zijn of mens.

Het is tijd om gehoor te geven aan de speelsheid waartoe Haraway oproept

Wat opvalt in Haraways tekst is dat ze weliswaar oproept tot vrolijke perversie, maar zelf bloedserieus schrijft. Haar onderwerp verdient natuurlijk serieuze aandacht. Maar het is ondertussen misschien tijd om gehoor te geven aan de speelsheid waartoe Haraway oproept.

Fictieve vrouwachtige cyborgs en robots zijn zelden uitgerust met een gevoel van humor. Van Olympia uit E.T.A. Hoffmanns De Zandman (1817) tot Rachel (Blade Runner, 1982) en Ava (Ex Machina, 2016): allemaal zeer ernstig en daarom perfect om verliefd op te worden. Geen gedoe met ironie, al sinds Rousseau de vijand van stabiele relaties – maakt ze me nou belachelijk? Lacht ze me stiekem uit? Maar dus wel steeds die perfect geproportioneerde borsten.

Misschien wijzen de fembots uit de bijzonder gedateerde en problematische Austin Powers trilogie ons met hun dubbelloopse tepels in de juiste richting.

Vond je dit een goed artikel? Bij Nader Inzien zet zich in voor de verspreiding van serieuze filosofische kennis en analyse. We kunnen het platform draaiende houden dankzij de inzet van vrijwillige auteurs en redacteuren en de steun van lezers zoals jij. Word daarom vriend van BNI of steun ons met een donatie.

Meer:

Volg ons op

TwitterInstagramFacebook

Op de hoogte blijven per mail?

Wanneer wil je een e-mail ontvangen?

Steun ons

Doneer Word vriend